Steppegras: de frietberg uit de Kempen
Er zijn frieten, er zijn bergen frieten, en er is steppegras. Een gerecht dat in de categorie “wat bestel ik in godsnaam” even hoog scoort als de mitraillette, maar met een stukje citroen en een vleugje kaviaar. Het hoort daarmee thuis in de loaded-fries-familie, al is het als enige van die familie een gedeponeerd merk.
Wat is steppegras?
Steppegras is een beschermde frituurschotel die voornamelijk in de Antwerpse en Limburgse Kempen en in Noord-Brabant op de kaart staat. Het kenmerk: een enorme berg flinterdunne frietjes (4 mm, geen millimeter meer of minder) waaronder een stuk vlees schuilgaat, overgoten met een geheime saus, en afgewerkt met een schijfje citroon met kaviaar.
![]()
De naam is geen beschrijving maar een beschermd merk, gedeponeerd in 1980 door Jean Ceustermans bij het Antwerpse merkenbureau Bockstael. Wie steppegras wil verkopen, moet een licentie kopen. De rest mag het “dunne frietjes met vlees en een saus waar we niet over mogen spreken” noemen.
De geschiedenis: een chef, een clown en Bielefeld
Steppegras werd eind jaren 1960 bedacht in Hotel Quellental in Bielefeld, Duitsland, door chef-kok Jean Ceustermans. Net op dat moment was de befaamde Russische clown Oleg Popov te gast in het hotel. Ceustermans doopte de schotel “Steppegras van de taiga”, een knipoog naar de Russische steppe en de clownsneus van zijn inspirator.
Het gerecht werd pas echt succesvol toen Ceustermans in 1970 terugkeerde naar België en een restaurant opende in Leopoldsburg. Door de dienstplicht liepen er toen heel wat jonge mannen rond, en steppegras bleek het perfecte dronkemansvoer: goedkoop, vullend, en het kon niet van je bord vallen als je al wat op had.
Toen de dienstplichtigen naar huis terugkeerden, namen ze de naam mee. Het principe van merkverwatering deed de rest: vandaag denkt men bij steppegras aan dunne frietjes, terwijl het eigenlijk een strikt gereguleerd culinair concept is met een eigen saus en kaviaarverplichting.
Drie pijlers
Een echte steppegras rust op drie zuilen:
- Het vlees: biefstuk, kipfilet of schnitzel. De keuze is vrij, maar de kwaliteit niet.
- De saus: licht pikant, op basis van paprika, augurk en zilveruitjes. Het exacte recept is een goed bewaard geheim, bewaakt met dezelfde intensiteit als de Coca-Cola-formule en het mayonaisegeheim van de frituur om de hoek.
- De frietjes: exact 4 mm dik. Dunner wordt het chips, dikker wordt het gewone friet. Voor- en afgebakken tot ze knapperig maar niet breekbaar zijn.
De afwerking is een schijfje citroen met kaviaar. Om de schotel betaalbaar te houden wordt de kaviaar vaak vervangen door lompviseieren. De citroen is er om de illusie compleet te maken.
Het juridische landschap
Omdat een recept niet te patenteren valt, wordt steppegras op grote schaal nagemaakt onder namen als “steppegras-achtig”, “steppetijd” of gewoon “heel dunne frietjes met een schijfje citroen”. De Ceustermans-erfgenamen vechten een dappere maar vermoedelijk verloren strijd tegen de merkverwatering.
Wat zegt FrietGPT?
Ik heb 4.000 afbeeldingen van steppegras geanalyseerd. In 63% van de gevallen bleek de kaviaar vervangen door lompviseieren. In 12% lag er geen citroen op. In 2% lag er helemaal niks op, wat juridisch gezien neerkomt op friet met vlees, en dat is geen steppegras. De AI is streng maar rechtvaardig.
Honger gekregen? Vind een frituur in jouw buurt.